das Wörterbuch Indonesier Minus niederländisch

Bahasa Indonesia - Nederlands, Vlaams

sakit Holländisch:

1. ziek ziek


Hij is ziek.
Hij zei dat hij ziek was geworden, en dat was een leugen.
Als mensen ziek zijn, zullen ze zich bang en bezorgd voelen. Ze voelen dat ze de geest kunnen zien.
Is hij ernstig ziek? Hopelijk niet."
Wanneer men ziek is, kunnen bezoekers wel eens ongelegen komen.
Je ziet er ziek uit. Is dat ook zo?
Een pasgeborene wordt gemakkelijk ziek.
Toon zoveel vingers als het aantal weken dat ge al ziek zijt.
Ik voel mij een beetje ziek, maar ik wil in alle geval naar buiten gaan.
Als ik zou weten, dat je ziek was, zou ik je in het ziekenhuis opzoeken.
Niet alleen Jim maar ook zijn ouders zijn ziek.
Ik vroeg hoe het was met haar maag, want gisteren was ze ziek.
Ze zeggen dat Mary vorige week ziek was, maar nu ziet ze er goed uit.
Daar mijn moeder vandaag ziek is, zal mijn vader koken.
Ik had twee uur gewerkt, toen ik mij plots ziek voelde.

2. pijn pijn


Het doet pijn.
Laat mij weten als het pijn doet.
De pijn was ondraaglijk.
Wat veroorzaakt gewoonlijk de pijn?
Doet het pijn als ik hier sla?
Aan een vreemd lichaam voelt men geen pijn.
Toen ik op mijn hoofd stond, had ik pijn in de nek.
Het was zo koud, dat mijn oren pijn deden.
Verleden pijn is vlug vergeten.
De pijn is voor het grootste deel verdwenen.
De belediging deed haar pijn.
Naarmate de tijd verstrijkt, verdwijnt de pijn beetje bij beetje.
Ik heb wat medicijnen nodig om de pijn te bestrijden.
De pijn wordt nu langzaam minder.
Waar een tand pijn doet, daar gaat de tong naartoe.