das Wörterbuch Polnisch Minus niederländisch

język polski - Nederlands, Vlaams

buty Holländisch:

1. schoenen schoenen


Bij binnenkomst horen we onze schoenen uit te doen.
Uw schoenen zijn hier. Waar zijn de mijne?
Zijn schoenen zijn bruin.
Ik zou niet graag in haar schoenen willen staan.
Hier, uw schoenen.
We zijn het gewend om schoenen te dragen.
Ik wilde rode schoenen.
Hebt ge schoenen en kousen?
Hij schopte zijn schoenen uit zonder eerst de veters los te maken.
Welke schoenen trek je aan?
Ik liet mijn schoenen poetsen.
Je schoenen passen niet bij dat pak.
Mijn schoenen zijn te klein, ik heb er nieuwe nodig.
Ik zag de jongen met bruine schoenen.
Ik wil bruine schoenen, geen zwarte.

Holländisch Wort "buty"(schoenen) tritt in Sätzen auf:

1000 najpopularniejszych słów po niderlandzku 951 ...

2. de schoen de schoen



3. de schoenen de schoenen



4. schoenen de schoenen de



5. de laarzen de laarzen



Holländisch Wort "buty"(de laarzen) tritt in Sätzen auf:

mijn eerste 100 woorden