das Wörterbuch Polnisch Minus niederländisch

język polski - Nederlands, Vlaams

całkowicie Holländisch:

1. helemaal


Helemaal niet!
Als je bananen in de koelkast stopt, wordt de schil helemaal bruin.
Dit is wat wiskundigen en Fransen gemeen hebben: wat je hen ook probeert uit te leggen, ze vertalen het op hun eigen manier en verdraaien het in iets wat helemaal anders is.
Fictieromans verkopen beter dan realiteit. In feite verkoopt realiteit helemaal niet.
De zoon van de koning, die terugkeerde van de jacht, ontmoette haar; en toen hij zag dat ze zo mooi was, vroeg hij haar, wat ze daar helemaal alleen deed en waarom ze weende.
Als we hier stoppen, moeten we helemaal opnieuw van nul beginnen!
Voordat de brandweer arriveerde, was het huis helemaal afgebrand.
Het zou kunnen dat het geluk dat ons daar wacht, helemaal niet het soort geluk is dat we onszelf toewensen.
Priemgetallen zijn als het leven, ze zijn helemaal logisch, maar het is onmogelijk er regels voor te vinden, zelfs als je al tijd wijdt aan het nadenken erover.
Ik... dat weet ik eigenlijk ook niet, gaf Dima toe. "Soms slaat dit verhaal echt helemaal nergens op."
Vorig jaar kwam ik terug thuis en was ik verrast, dat het dorp en de mensen helemaal veranderd waren.
De appels op de fruitschaal lagen er al zo lang, dat ze helemaal zacht en gerimpeld begonnen te worden.
Fantasie is iets, dat de meeste mensen zich helemaal niet kunnen voorstellen.
Ik versta perfect Italiaans pochte zij, terwijl ze een schotel uit het menu koos. Maar toen het eten opgediend werd, was het helemaal niet wat ze verwacht had.
Een taal spreken is één ding, maar iemand een taal leren is iets helemaal anders.

2. geheel


Ik ben het geheel met je eens.
Hoeveel inwoners telt Frankrijk in zijn geheel?

3. volkomen


Je hebt volkomen gelijk.
Alles wat je zegt is volkomen correct.

Holländisch Wort "całkowicie"(volkomen) tritt in Sätzen auf:

słówka 1-200