das Wörterbuch Polnisch Minus niederländisch

język polski - Nederlands, Vlaams

deska Holländisch:

1. boord boord


Zijn alle passagiers al aan boord?
Als het schip lek is, gaan de ratten van boord.
Is er een arts aan boord?
Hij is aan boord van het schip.

2. de snijplank de snijplank



Holländisch Wort "deska"(de snijplank) tritt in Sätzen auf:

kurs 2 lekcja 7/2

3. de plank de plank



Holländisch Wort "deska"(de plank) tritt in Sätzen auf:

Moje trudniejsze